Gek van tulpen

Één van de merkwaardigste voorvallen in de Gouden Eeuw is misschien wel de Tulpenmanie of Tulpengekte in de winter van 1636-1637. De tulp, een pas rond 1590 uit Turkije ingevoerde bloembollenensoort, was immens populair geworden vanwege de grote kleurschakeringen en rijkdom aan variëteiten die ze voortbracht. Verzamelaars hadden veel geld over voor bijzondere tulpensoorten, zoals bijvoorbeeld voor Semper Augustus, waarvan de bollen op een gegeven ogenblik duizenden guldens opbrachten. Eind 1636 liepen de prijzen steeds hoger op en ontstond er met name in Haarlem een speculatie in bloembollen, waarbij handelaren tulpen aan elkaar verkochten voor steeds grotere bedragen. Op 5 februari 1637 was het plotseling voorbij: de handel zakte van het ene op het andere ogenblik in elkaar. De eerste speculatieve bubbel uit de geschiedenis van het kapitalisme was gebarsten. Of zo gaat het verhaal tenminste.

De tulpen die men in die tijd mooi vond waren ook spectaculair mooi – vaak overigens omdat ze virusziek waren. Viruszieke tulpen kan je niet laten staan – want dan gaat het hele tulpenras teloor. In de Gouden Eeuw wist men dat niet – en dan had je dus het ene jaar het prachtige tulp, maar dan kwam er het andere jaar niks meer uit de grond… Misschien dat rijke tulpenliefhebbers daarom hun mooiste exemplaren lieten portretteren in zogenaamde tulpenboeken, zoals het exemplaar dat zich in de collectie van het Nederlandsch Economisch-Historisch Archief bevindt. Zo kon je tenminste langer genieten van je botanische schoonheden.

Het verhaal van de Tulpenmanie is altijd bekend gebleven. In opdracht van de Britse schrijver Mike Dash deed ik onderzoek naar de tulpenmanie voor zijn boek Tulipomania, in het Nederlands verschenen als Tulpengekte.

Naar aanleiding van dit onderzoek schreef ik een bijdrage voor een bundel over de Nederlandse beleggingsgeschiedenis, In het verleden behaalde resultaten, verschenen in 2002. Er bestaat ook een heel goede website van Frans Mensonides over de literatuur die ontstond naar aanleiding van de Tulpenmanie. De tulp hield zo aardig wat kooplieden, schilders en schrijvers aan het werk in die jaren 1630…

Allegorie op de Tulpenmanie in het Frans Halsmuseum, rond 1640 geschilderd door Jan Brueghel de Jongere.

Allegorie op de Tulpenmanie in het Frans Halsmuseum, rond 1640 geschilderd door Jan Brueghel de Jongere.

Afbeeldinge van't wonderlijcke Jaar van 1637 doen d'eene Geck d'ander uytbroeyde, de luy Rijck sonder goet, en wijs sonder verstant waeren

Afbeelding 21 uit het Tulpenboek van het NEHA